Tijdens de raadsvergadering van 23 juni stond een motie op de agenda voor een zebrapad in de Schubertstraat. Uiteindelijk bleek dat hiervoor eind vorig jaar een verkeersbesluit was genomen en het zebrapad al wordt aangelegd. De motie hoefde daarom niet meer in stemming te worden gebracht.
Toch leverde de discussie binnen onze fractie een interessante vraag op. Eigenlijk niet eens over dat zebrapad, maar over de rol van de gemeenteraad.
Wanneer grijp je als politiek in? En wanneer laat je de uitvoering over aan de organisatie?
Dat lijkt een eenvoudige vraag. Maar dat is het niet.
Er zijn in de gemeente genoeg plekken waar inwoners een verkeerssituatie als onveilig ervaren. Dat nemen wij serieus. Tegelijkertijd kunnen we als raad niet voor iedere situatie een motie aannemen. Er moet ook gekeken worden naar de totale planning, beschikbare capaciteit en de prioriteiten die al zijn vastgesteld.
Wij hebben daarom eerder moties, zoals een fietspad langs de Trambaan in Warmenhuizen en een oversteek bij de Havenstraat in Schagen, niet ondersteund. Niet omdat we die locaties onbelangrijk vinden, maar omdat dat grotere projecten zijn. Ze vragen om onderzoeken, ontwerpen, budget en veel capaciteit van de organisatie. Daar staat tegenover dat wij eerder juist wél een motie voor twee zebrapaden in de Nieuwstraat hebben ondersteund. Dat lijkt misschien tegenstrijdig, maar dat is het niet. Een zebrapad is vaak een relatief beperkte maatregel. Natuurlijk wordt ook dan eerst bekeken of het verkeerskundig verantwoord is en of er geen nieuwe onveilige situaties ontstaan. Maar als dat zo is, blijft de ingreep meestal beperkt: een verkeersbesluit en een relatief eenvoudige uitvoering.
Maar ook dan blijft dezelfde vraag staan.
Waar leg je als raad de grens?
Want als wij voor iedere als onveilig ervaren situatie een motie aannemen, zijn wij uiteindelijk de uitvoeringsagenda van de gemeente aan het bepalen. Dan ontstaat het risico dat niet de verkeerskundige beoordeling leidend is, maar de vraag welke locatie op dat moment de meeste politieke aandacht krijgt. Terwijl er op andere plekken misschien een vergelijkbare of zelfs ernstigere situatie is, waar op dat moment geen motie over wordt ingediend.
Met andere woorden: iedere locatie moet langs dezelfde meetlat worden gelegd. Wij willen niet dat de prioriteit van een verkeersmaatregel afhangt van hoeveel aandacht een locatie op dat moment krijgt.
Aan de andere kant is het ook onze taak om bij te sturen als iets blijft liggen of als wij vinden dat een onderwerp meer prioriteit verdient. Daar is de gemeenteraad immers voor.
Een vaste grens is er dus niet. En misschien kan die er ook niet zijn.
Voor ons zit de uitdaging erin om iedere keer opnieuw dezelfde vraag te stellen. Is dit een onderwerp waar de politiek een keuze moet maken? Of is dit iets waarvoor we mogen vertrouwen op de kennis van onze verkeerskundigen en de gemeentelijke organisatie?
Dat betekent ook dat we niet altijd dezelfde conclusie zullen trekken. Maar wel dat we iedere keer opnieuw dezelfde afweging proberen te maken. Juist daarin ligt volgens ons de rol van de gemeenteraad.




